Sneller de Engelse taal leren, 11 tips!

Zo leer je de Engelse taal sneller

Sneller-de-Engelse-taal-leren-11 tips!

 

Start met de 100 meest gebruikte woorden in Engels

  • We gaan er vanuit dat je de Engelse taal nog moet leren. Leer de meest gebruikte Engelse woorden eerst.  Als je deze woorden leert en ze gelijk probeert toe te passen in een zin dan vergroot je vanzelf je woordenschat.
    Maak eenvoudige zinnen en oefen tot je precies weet wanneer je ze moet gebruiken.

 

Leer je een nieuw woord, probeer het dan ook gelijk te gebruiken.

Dit is een site met 100 meest gebruikte woorden in het Engels.

Heb je de eerste 100 Engelse woorden geleerd dan kan je hier de:
500 meest gebruikte woorden in het Engels vinden.

In dit filmpje kun je ook de uitspraak in het Engels beluisteren

 

 

Converseer met mensen die de taal beter kennen

  • Het mooiste is natuurlijk met een native speaker. Hij of zij is bekend met de Engelse grammatica, heeft een grote woordenschat en de juiste uitspraak. Lukt dat niet dan kan je altijd met iemand anders oefenen. Dat motiveert en zo kan je elkaar helpen. Bovendien leer je een taal sneller door deze te gebruiken i.p.v. te onthouden.

 

Luister naar de uitspraak in het Engels

 

Herhaal je Engelse woorden en zinnen

  • Om de Engelse taal te leren is het noodzakelijk om veel te herhalen. Oefen dus met vrienden, op je werk of in een internationale omgeving. Met veel oefenen zal het gaan beklijven. Ga je naar een Engels sprekend land dan is het een mooie gelegenheid om intensief te oefenen.

 

Zet een app op je telefoon

 

Leer niet alle grammatica gelijk

  • Begin met de tegenwoordige tijd de ‘present perfect’ en ga daarmee aan de slag.
    Daarna de ‘present continuous’. De bekende ‘ing vorm’ waar een hoop Nederlanders moeite mee hebben.

Leer ook waar de Engelse grammaticale termen voor staan:
zelfstandig naamwoord:    noun
werkwoord:                          verb
lidwoord:                              article
voornaamwoord:                pronoun
voorzetsel:                            preposition
bijwoord:                              adverb
bijvoeglijk naamwoord:    adjective
enkelvoud:                           singular
meervoud:                            plural

Kijk naar Engelstalige programma’s en lees Engelstalige boeken

  • Door naar programma’s te kijken zonder ondertiteling, leer je ook je luistervaardigheden verbeteren. Lees je Engelstalige boeken en kranten of tijdschriften dan is dan ook een goede oefening.
    Zorg dat je met de Engels taal bezig bent! Dit is een overzicht van kranten en nieuwszenders.

 

Investeer in een 1 op 1 training

  • Natuurlijk is deze investering groter dan wanneer je in een groep een cursus Engels doet. Het rendement is echter vele malen groter. Alle aandacht gaat naar jou specifieke aandachtspunten. Je hebt de trainer helemaal tot jouw beschikking. Helemaal mooi als dit een native speaker is. Meer informatie over een 1 op 1 training.

 

Denk in het Engels

  • Je bent aardig op weg als je in het Engels gaat denken. Niet meer dingen rechtstreeks vertalen maar gelijk iets in het Engels formuleren in je gedachte.

 

Accepteer dat je fouten maakt

  • Het is beter om te proberen in het Engels te communiceren dan niets te doen omdat je bang bent fouten te maken. Accepteer dat je misschien het verkeerde woord gebruikt, dat je uitspraak niet helemaal correct is of dat de grammatica een beetje ‘rammelt’. Juist door fouten te maken zie je pas hoe het anders moet.

 

Kijk wat het beste bij je past

  • Natuurlijk leren we niet allemaal op dezelfde wijze. De een luistert liever naar een podcast, de ander leest veel liever of bekijkt een filmpje op you tube.
    Er zijn tegenwoordig zoveel sites waar je oefeningen kunt doen. Er is dus keuze genoeg om je Engels te verbeteren.

Zou je dit artikel ook met anderen willen   delen? Bedankt!

30 slimme en domme woorden in het Engels, tegenstellingen of niet?

30-domme-en-slimme-engelse-woorden bord30 slimme en domme woorden in het Engels, tegenstellingen in een enkel begrip.

Waarschijnlijk heb je weleens gehoord van een paradox. Tegenstrijdigheden in een verklaring.‘Zeg nooit, nooit’ of ‘Ik weet dat ik niets weet’(Socrates). Continue reading “30 slimme en domme woorden in het Engels, tegenstellingen of niet?”

De meest gemaakte ‘Van Gaaleriaanse’ fouten in het Engels

Van Gaaleriaans blog van SR training zakelijk EngelsSpreek jij ‘Van Gaaleriaans’ of ‘proper English?’

 

Nederlanders worden geroemd om hun kennis van het Engels.

Maar kijk je verder dan blijkt dat onderzoeken laten zien dat Nederlanders zich ‘goed verstaanbaar’ kunnen maken. We merken in onze taaltrainingen vaak een overschatting van de kennis van het Engels.

In een EU-onderzoek werd gevraagd naar het vermogen in het Engels een geslaagd gesprek te voeren. Van de overige Europeanen zegt 20 tot 30 procent dat te kunnen, van de Nederlanders zegt 80 tot 90 procent dat hun Engels goed is. Uit het EU-onderzoek bleek ook dat een kwart van de Nederlandse bedrijven zichzelf benadeelt tijdens het zakendoen in het Engels.

Een typisch Nederlandse fout is om alles in de ‘ING’ vorm te willen zetten.

I am living in Breda.
Dit wordt gebruikt om aan te geven dat de persoon permanent in Breda woont.
Fout dus: I live in Breda is goed.

Als een gebeurtenis normaal is of regelmatig voorkomt, gebruik je geen werkwoorduitgang met ‘ING’. Wanneer de gebeurtenis op dit moment plaatsvindt, of maar tijdelijk is, wordt de ‘ING’ vorm wel gebruikt.

Bijvoorbeeld: I’m walking home.(nu) You’re reading this article.(nu) I am staying in Berlin for eight days.(tijdelijk)

Nederlanders proberen vaak letterlijk te vertalen zonder op de ‘grammaticale tijd’ te letten.
Dan hoor je dus: I’m working here for 5 years. My wife was cooking a nice meal on Sunday. I’m always eating my lunch at work.

Het letterlijke vertalen geldt ook voor het ‘ombouwen’ van Nederlandse gezegden, waar Van Gaal zo goed in is. “We are running after the facts”. ”That’s another cook”,enz.

 

Zo komen we in onze trainingen ook regelmatig ‘Van Gaaleriaans’ tegen: dingen die niet helemaal kloppen, of helemaal niet kloppen. We kunnen er altijd goed om lachen en bij de uitleg is er vaak een ‘o, ja’ moment.

Hier volgen er een aantal:

  • ‘I’m standing on my own two legs’
  • ‘I’ll make some light’
  • ‘I have a lot of house animals’
  • ‘When you come to England, you must search me up’
  • ‘Look after’ wordt vaak verward met ‘look for’:
  • ‘I must look for the children today because my wife is working’
  • ‘After a nice holiday, I always feel good in my skin’
  • ‘I’m learning for bookkeeper’
  • ‘I give my voice to John’
  • ‘They do not pick it’
  • ‘We are walking behind’
  • ‘Do what’
  • ‘Thanks for your help’ antwoord: ‘No thanks’ (i.p.v ‘you’re welcome’)
  • ‘How late is it?’
  • ‘I wish you a pleasant period’
  • ‘What for people’, i.p.v. ‘What sort of people’
  • ‘She is with pregnancy leave’ i.p.v. maternity leave
  • ‘When was his removal to London for the new job?’
  • ‘Where is the head entrance?’
  • ‘On this moment I’m very busy’

In een vorig artikel: ‘Hoe goed is jouw Engels op de schaal Van Gaal-Timmermans?, heb ik ook een testje toegevoegd. Kun je zien hoe goed je bent! (of hoe slecht 🙂

 

Heb jezelf nog leuke voorbeelden laat het weten en fijn als je het artikel hieronder wilt delen. Bedankt!

 

Download ons gratis E-Boek. Hoe goed is jouw Dunglish?Hoe-goed-is-jouw-Dunglish

15 vaak gebruikte afkortingen in de Engelse taal

 Afkortingen in de Engels taalIn het Engels noemen we ze  abbreviations.
Afkortingen in de  Engelse taal  die je kunt  gebruiken in e-mails.

Ik moet er wel bijzeggen dat je in zakelijke correspondentie niet alle afkortingen kan gebruiken. Naar een collega geen probleem maar naar een buitenlandse zakenpartner is het beter om formeel te blijven en het voluit te schrijven.

(hier vind je meer over het schrijven van correcte Engelstalige e-mails en brieven)

  • Hoeveel ken jij er?

    Dit zijn de afkortingen in de Engelse taal die het meest gebruikt worden:

  1. ASAP
  2. Pls
  3. Thx
  4. FYI
  5. BTW
  6. LOL
  7. CC
  8. Re
  9. HAND
  10. WB
  11. COD
  12. F2F
  13. WB
  14. AWOL
  15. BBL

    Afkortingen in de Engelse taal volledig uitgeschreven:

  1. As soon as possible
  2. Please
  3. Thanks
  4. For your information
  5. By the way
  6. Laughing out loud
  7. Carbon copy
  8. Regarding
  9. Have a nice day
  10. Welcome back
  11. Cash on delivery
  12. Face to face
  13. Welcome back
  14. Absent without official leave
  15. Be back later
  • En hoeveel wist je er?

Heb je zelf een afkorting die je regelmatig gebruikt? Laat je reactie hieronder achter.
Je kan het bericht delen als je het ook nuttig voor anderen vindt. Bedankt.

Misschien vind je deze blog ook bruikbaar: Woorden die in het Engels hetzelfde klinken maar totaal iets anders betekenen. 

Nog meer tips vind je in onze gratis te downloaden E-boeken

Confusing words! Woorden die hetzelfde klinken maar iets anders betekenen.

Confusing words!

Een taal leeft. Ook in het Engels worden regelmatig nieuwe woorden toegevoegd.man denkt na foto op blog SR training

 

Maar er zijn ook heel veel bestaande woorden die op elkaar lijken.
Confusing words dus!

Zowel in uitspraak als in schrijfwijze maar een totaal verschillende betekenis hebben.

 

 

Engelse woorden die hetzelfde klinken maar iets anders betekenen.

Below are some confusing words, which even native speakers get wrong.

Access/excess
You need a password to access the website.
You have to pay more for excess luggage.

Chef/chief
There is a new chef at the restaurant.
The chief reason I am leaving is because….
A chef is not another word for boss.

Its/it’s
Why is your company changing its name.
It’s going to rain.

Principal/principle
The principal reason I want to do this is because…
This is a point of principle.

Stationary/stationery
It is easy to take a picture of something that is stationary.
Do they sell stationery at the shop across the street?

Economic/economical
The economic situation is not very good at the moment.
My car is very economical.

Their/there
Their house is very big.
Could you put the book over there.

Technique/technology
That is a very useful technique to measure….
I’m very interested in technology.

Complement/compliment
A red scarf would complement your black dress.
I would like to compliment you on your good work.

Device/devise
This device is very useful.
We need to devise a plan for….

Personal/personnel
Do you mind if I ask you a personal question?
We will need more personnel in the future.

Accept/except
I would like to accept the invitation.
Everyone is welcome except John.

Aisle/isle
The aisle in the church is very narrow.
The isle…..is very nice.

Along/a long
We walked along the road.
We had a long walk.

Altar/alter
There is an altar in the church.
Could you alter the size of my jacket?

Balmy/barmy
It was a very balmy evening.
That man is totally barmy.

Lees ook: vaak gebruikte afkortingen in het Engels

Berth/birth
We had a berth on the ship.
The birth of her daughter was….

Pour/pore
Could you pour me a drink.
The pores of my skin are open.

Pedal/peddle
You will have to pedal hard to get up the hill.
A lot of people peddle goods at the market.

Desert/dessert
The desert is very dry.
What are we having for dessert this evening?

Nog meer confusing words:

Currant/current
There are a lot of currants in this cake.
What is the current situation?

Coarse/course
The cloth is very coarse.
What course are you following at the moment?

Brake/break
The brakes of the car need to be repaired.
If you are not careful, you will break the glass.

Draught/draft
There is a draught because the door is open.
Could you make a draft and we can always make changes to the document later if necessary.

Foreword/forward
The book seems interesting. I have read the foreword.
We will have to move forward before it gets dark.

Pole/poll/pool
I will have to put new poles in the garden.
The poll for the election is very important because…
We are going to swim in the pool.

Sight/site
A lot of people don’t have sight due to …..
I have bought a site to build a house.

Buy/by/bye
I would like to buy a book.
The book is by the phone.
Goodbye. I will see you tomorrow.

Dear/deer
Dear john.
There are a lot of deer is the forest.

Die/dye
Mr Brown died last week.
She dyed her hair blond.

Flew/flu/flue
The bird flew away.
She is in bed with the flu.
The chimney flue needs to be changed.

Flour/flowers
Flour is needed to make a cake.
How many types of flowers do you grow in your garden?

Higher/hire
I put the box on a higher shelf.
We will need to hire a car.

Hole/whole
There is a hole in the box.
On the whole I’m happy with the situation.

Weather/whether
The weather is good today.
Whether I go or not depends on the weather

Were/we’re
We were at the beach yesterday.
We’re here now.

Which/witch
Which one would you like?
There are many books about witches.

Takeover/overtake
The company was taken over by…
Be careful when you overtake on the motorway.

Ken je deze nieuwe woorden in het Engels al?

The Business English Survival Guide -Overleven in het zakelijk Engels?
Mijn E-book de Business English Survival Guide gaat je redden.

Bekijk het boek